Niet in voorgaande programma's verantwoorde baten en lasten

Inleiding

Terug naar navigatie - Inleiding

Met ingang van het begrotingsjaar 2017 is het Besluit Begroting en Verantwoording provincies en gemeenten (het BBV) gewijzigd. Een van de wijziging betreft het verantwoorden van algemene baten en lasten in de begroting en jaarrekening.

Baten en lasten die direct verbandhouden met activiteiten die gericht zijn op de externe klant, worden verantwoord in de programma’s. Dus alleen de baten en lasten die betrekking hebben op het primaire proces worden in de programma’s opgenomen. Baten en lasten die hier niet onder vallen, worden buiten de programma’s gehouden. Het gaat hierbij om overheadkosten, algemene dekkingsmiddelen, Vennootschapsbelasting en onvoorzien.

Zo komt er meer inzicht in de omvang van de baten en lasten van het primaire proces in het algemeen en de overhead in het bijzonder.

1. Algemene dekkingsmiddelen

Inleiding

Terug naar navigatie - Inleiding

Algemene dekkingsmiddelen zijn middelen die geen relatie hebben met een bepaalde activiteit.
Onder de algemene dekkingsmiddelen vallen de taakvelden 0.5 Treasury, 0.61 OZB woningen, 0.62 OZB niet-woningen, 0.64 Belasting overig en 0.7 Algemene uitkering en overige uitkeringen Gemeentefonds.

Wat mag het kosten?

Terug naar navigatie - Wat mag het kosten?
Algemene dekkingsmiddelen Realisatie 2022 Begroting 2023 na wijziging Begroting 2024 Begroting 2025 Begroting 2026 Begroting 2027
Lasten 324.029 185.900 290.400 226.900 184.800 228.100
Baten -45.315.579 -46.524.900 -48.642.400 -50.649.200 -49.816.400 -51.157.500
Totaal baten en lasten -44.991.549 -46.339.000 -48.352.000 -50.422.300 -49.631.600 -50.929.400

Verklaring van verschillen

Terug naar navigatie - Verklaring van verschillen
Verschillen algemene dekkingsmiddelen ten opzichte van gewijzigde begroting 2023 Begroting 2023 na wijziging Begroting 2024 Verschil 1e tr 2023 - Begroting 2024
Lasten
9.1-Algemene dekkingsmiddelen 185.900 290.400 104.500
Totaal Lasten 185.900 290.400 104.500
Baten
9.1-Algemene dekkingsmiddelen -46.524.900 -48.642.400 -2.117.500
Totaal Baten -46.524.900 -48.642.400 -2.117.500

Verschilverklaring

Terug naar navigatie - Verschilverklaring

Hieronder zullen individuele verschillen groter dan € 50.000 nader worden toegelicht.

Lasten
9.1
De deelnemersbijdrage aan de SVHW is verhoogd met ongeveer € 51.000. Daarnaast wordt er minder rente toegerekend aan het programma (-/- € 260.000).
Hier staan lagere uitgaven aan rente voor langlopende leningen tegenover; deze lasten nemen met ruim € 100.000 af t.o.v. 2023. Verder is de doorbelasting van de BAR-bijdrage ongeveer € 50.000 lager.

Baten
9.1
De toename in de baten komt met name door hogere OZB-opbrengsten van ca. € 298.000, en door de hogere uitkering uit het Gemeentefonds, van (afgerond) € 3 miljoen.

Uitsplitsing lokale heffingen

Terug naar navigatie - Uitsplitsing lokale heffingen
Lokale heffingen Realisatie 2022 Begroting 2023 na wijziging Begroting 2024 Begroting 2025 Begroting 2026 Begroting 2027

Uitsplitsing dividend

Terug naar navigatie - Uitsplitsing dividend
Dividend Realisatie 2022 Begroting 2023 na wijziging Begroting 2024 Begroting 2025 Begroting 2026 Begroting 2027

Saldo financieringsfunctie

Terug naar navigatie - Saldo financieringsfunctie

Het saldo van de betaalde rente en de ontvangen rente wordt door middel van het renteomslagpercentage via de kapitaallasten doorberekend aan de taakvelden. Deze doorberekening is gebaseerd op de boekwaarde van de vaste activa per 1 januari x het renteomslagpercentage. Het percentage wordt berekend bij het opstellen van de begroting, waarbij uitgegaan wordt van de geraamde boekwaarde van de vaste activa en de geraamde rente. Het saldo van de financieringsfunctie betreft het verschil tussen rentelasten van de geldleningen OG (verminderd met de eventueel ontvangen rente) en de doorbelaste rentelasten naar de taakvelden.

Uitsplitsing saldo financieringsfunctie

Terug naar navigatie - Uitsplitsing saldo financieringsfunctie
Financieringsfunctie Realisatie 2022 Begroting 2023 na wijziging Begroting 2024 Begroting 2025 Begroting 2026 Begroting 2027

Algemene uitkering

Terug naar navigatie - Algemene uitkering

De verantwoorde algemene uitkering uit het Gemeentefonds is gebaseerd op de ten tijde van het opstellen van de begroting bekende informatie (meicirculaire 2023). Voor een specificatie van de ontwikkeling van de algemene uitkering wordt verwezen naar de verschillenanalyse, die u terug kunt vinden in het onderdeel Financiële begroting.

omschrijving 2024 2025 2026 2027
Meicirculaire 2023 2.233.000 2.321.000 1.383.000 1.444.000
Vrijval stelpost jeugd -1.132.300 -1.043.500 0 0
Totaal correcties Algemene uitkering 1.100.700 1.277.500 1.383.000 1.444.000
+/+ is positief
-/- is negatief

Beleidsindicatoren

Terug naar navigatie - Beleidsindicatoren
Nr. Indicator Beschrijving indicator AW NL* Cijfers over
1 Gemiddelde WOZ-waarde (bron: CBS) De gemiddelde WOZ waarde van woningen in duizenden euro's. 431 369 2021
2 Gemeentelijke woonlasten eenpersoonshuishouden (bron: COELO) Het gemiddelde totaalbedrag in euro’s per jaar dat een éénpersoonshuishouden betaalt aan woonlasten. 876 733 2023
3 Gemeentelijke woonlasten meerpersoonshuishouden (bron: COELO) Het gemiddelde totaalbedrag in euro’s per jaar dat een meerpersoonshuishouden betaalt aan woonlasten 1.150 905 2022
Waar staat je gemeente d.d. 18 juli 2023
* Klasse matig stedelijk

2. Overhead

Inleiding

Terug naar navigatie - Inleiding

Overheadkosten zijn alle kosten die samenhangen met de sturing en ondersteuning van de medewerkers in het primaire proces (BBV artikel 1 lid 2). In de notitie Overhead van de commissie BBV is aangegeven welke baten en lasten verantwoord worden onder overheadkosten. 
In het kort komt het erop neer dat de volgende uitgangspunten gehanteerd kunnen worden:

- Directe kosten worden zoveel mogelijk direct toerekenen aan de desbetreffende taakvelden en programma’s;
- Ondersteunende taken zijn niet direct dienstbaar aan de externe klant of het externe product en behoren daarom tot de overhead;
- Sturende taken vervult door hiërarchische leidinggevende behoren tot de overhead, en
- De positionering van een functie binnen de organisatie heeft geen invloed op de beoordeling of er sprake is van overhead.

De baten en lasten voor overhead zijn verantwoord op het taakveld 0.4 Overhead.

Wat mag het kosten?

Terug naar navigatie - Wat mag het kosten?
Overhead Realisatie 2022 Begroting 2023 na wijziging Begroting 2024 Begroting 2025 Begroting 2026 Begroting 2027
Lasten
9.2-Overhead 8.677.481 8.792.800 8.777.200 8.721.700 8.608.700 8.606.900
Totaal Lasten 8.677.481 8.792.800 8.777.200 8.721.700 8.608.700 8.606.900
Baten
9.2-Overhead -58.643 -23.300 -24.000 -24.700 -24.700 -24.700
Totaal Baten -58.643 -23.300 -24.000 -24.700 -24.700 -24.700
Totaal baten en lasten 8.618.838 8.769.500 8.753.200 8.697.000 8.584.000 8.582.200

Verklaring van verschillen

Terug naar navigatie - Verklaring van verschillen
Verschillen overhead ten opzichte van gewijzigde begroting 2023 Begroting 2023 na wijziging Begroting 2024 Verschil 1e tr 2023 - Begroting 2024
Lasten
9.2-Overhead 8.792.800 8.777.200 -15.600
Totaal Lasten 8.792.800 8.777.200 -15.600
Baten
9.2-Overhead -23.300 -24.000 -700
Totaal Baten -23.300 -24.000 -700

Verschilverklaring

Terug naar navigatie - Verschilverklaring

Hieronder zullen individuele verschillen groter dan € 50.000 nader worden toegelicht.

Lasten
9.2 De hogere lasten komen met name omdat we vanaf 2024 weer een eigen personeelsbegroting hebben, die deels naar Overhead wordt doorverdeeld. Dit is nieuw t.o.v. 2023, en betreft ongeveer € 1,8 miljoen. Hier staat tegenover dat de lasten met betrekking tot de BAR-bijdrage juist zijn afgenomen, met ongeveer € 1,7 miljoen, omdat de BAR-bijdrage aanzienlijk lager is geworden vanaf 2024.



3. Vennootschapsbelasting (Vpb)

Inleiding

Terug naar navigatie - Inleiding

Door de inwerkingtreding van de Wet modernisering Vennootschapsbelastingplicht overheidsondernemingen zijn gemeenten met ingang van 1 januari 2016 Vpb-plichtig over hun (winstgevende) ondernemersactiviteiten. Doel van deze wet is het scheppen van een gelijk speelveld tussen overheidsondernemingen en private ondernemingen.
Omdat de Belastingdienst de gemeente in zijn geheel aanslaat voor de Vpb-heffing en deze heffing niet per overheidsonderneming uitsplitst is, wordt de eventueel af te dragen Vpb-heffing van alle ondernemingsactiviteiten opgenomen als één bedrag in het programmaplan en het overzicht van baten en lasten. Het is niet nodig om per programma waarin ondernemingsactiviteiten zijn opgenomen een naar rato-deelbedrag Vpb-heffing te ramen.

De Vpb is verantwoord onder het taakveld 0.9.

Wat mag het kosten?

Terug naar navigatie - Wat mag het kosten?
Vennootschapsbelasting Realisatie 2022 Begroting 2023 na wijziging Begroting 2024 Begroting 2025 Begroting 2026 Begroting 2027
Lasten -37.181 419.600 25.200 24.700 24.700 24.700
Totaal baten en lasten -37.181 419.600 25.200 24.700 24.700 24.700

4. Onvoorzien

Inleiding

Terug naar navigatie - Inleiding

In de begroting is een bedrag opgenomen voor onvoorziene lasten. Er is sprake van onvoorziene lasten wanneer deze onvoorzienbaar, onontkoombaar en onvermijdbaar zijn. Deze post is niet bedoeld om overschrijdingen op bestaande budgetten te dekken.

Wat mag het kosten?

Terug naar navigatie - Wat mag het kosten?
Onvoorzien Realisatie 2022 Begroting 2023 na wijziging Begroting 2024 Begroting 2025 Begroting 2026 Begroting 2027
Lasten
9.4-Onvoorzien 0 75.000 75.000 75.000 75.000 75.000
Totaal Lasten 0 75.000 75.000 75.000 75.000 75.000
Totaal baten en lasten 0 75.000 75.000 75.000 75.000 75.000